Straftijd

Beste KNVB- en verenigingsscheidsrechters,

Steeds vaker bereiken ons berichten waaruit blijkt dat scheidsrechters niet of onvoldoende op de hoogte zijn van het onderdeel straftijd in de B categorie van het veldvoetbal.
We kiezen er daarom voor de regeling op deze manier nog eens extra onder de aandacht te brengen, in het bijzonder bij de scheidsrechters (KNVB en club).

Het helpt de scheidsrechters natuurlijk bij het toepassen van deze regel wanneer ook de spelers, leiders en trainers kennis hebben kunnen nemen van de straftijdregeling.
Voor de duidelijkheid hebben we hieronder de complete straftijdregeling nog eens voor u uitgeschreven.

Straftijdregeling categorie B ( jeugd en senioren).

  1. Tijdens de wedstrijd wordt aan een speler 5 minuten straftijd opgelegd voor de volgende overtredingen:
    a. het gooien van een kluit aarde/pol gras of ander voorwerp;
    b. het wegtrappen van de bal, terwijl het spel dood is;
    c. het weggooien van de bal, terwijl het spel dood is;
    d. het onvoldoende afstand nemen bij een vrije schop;
    e. het vertragen van een spelhervatting;
    f. het belemmeren van een spelhervatting;
    g. het opzettelijk de bal met de hand spelen (dus niet: het opzettelijk de bal met de hand spelen, waardoor de tegenstander een doelpunt of duidelijke scoringskans wordt ontnomen);
    h. voortijdig het speelveld verlaten, zonder toestemming van de scheidsrechter;
    i. het speelveld betreden en aan het spel deelnemen, zonder toestemming van de scheidsrechter;
    j. het door woord en/of gebaar te kennen geven het niet eens te zijn met een beslissing van de scheidsrechter;
    k. ander onbehoorlijk gedrag in de vorm van spelbederf.
  2. Straftijd kan niet worden opgelegd aan elftallen die uitkomen in de categorie A van het veldvoetbal.
  3. Het opleggen van straftijd heeft geen verdere gevolgen voor de betrokken speler, hetgeen wil zeggen dat er later geen andere straf uitgesproken kan worden.
  4. Het toezicht op de speler aan wie straftijd is opgelegd, is in handen van de scheidsrechter. Hij houdt ook de tijd bij en noteert de naam van de speler aan wie straftijd is opgelegd. Als de straftijd om is, mag eerst na een teken van de scheidsrechter de speler het speelveld weer betreden.
  5. Als de scheidsrechter de tijd stil zet, staat ook de straftijd stil.
  6. De straftijd kan slechts eenmaal per speler per wedstrijd worden opgeleg.
  7. Een speler, aan wie de straftijd is opgelegd en die in dezelfde wedstrijd wederom een overtreding begaat, die een straftijdoplegging tot gevolg zou hebben, ontvangt een waarschuwing.
  8. De speler aan wie straftijd is opgelegd, blijft onder de rechtsbevoegdheid van de scheidsrechter.
  9. Een speler, aan wie straftijd is opgelegd, kan gedurende zijn straftijd niet worden vervangen.
  10. Indien aan de aanvoerder van een elftal straftijd is opgelegd, moet zijn taak gedurende de straftijd aan een andere speler worden overgedragen.
    Hij mag ook geen inlichtingen aan de scheidsrechter vragen over de door deze genomen beslissingen.
  11. Indien een elftal de wedstrijd aanvangt met 7 spelers, of het aantal daalt tijdens de wedstrijd tot 7, dan vervalt de straftijdregeling.
  12. Als een doelverdediger straftijd wordt opgelegd, dan moet een andere speler zijn plaats als doelverdediger innemen. De als doelverdediger optredende veldspeler zal door het aantrekken van afwijkende kleding als doelman herkenbaar moeten zijn.
  13. Als een speler zijn straftijd van 5 minuten niet kan volmaken, omdat de rust aanbreekt, dan zal hij het resterende gedeelte van de straftijd in de tweede helft dienen te ondergaan. Is de straftijd van een speler nog niet om bij het einde van de wedstrijd, wordt hem de rest kwijtgescholden.
  14. Indien een speler zijn straftijd van 5 minuten niet kan volmaken omdat de wedstrijd wordt gestaakt, dan dient hij het restant te ondergaan vanaf de spelhervatting. Indien het staken van de wedstrijd tevens aanleiding is om de wedstrijd niet te hervatten, eindigt hiermee ook de straftijd. Dit betekent dat, indien de wedstrijd alsnog uitgespeeld dient te worden op een later tijdstip, de desbetreffende speler aan wie een tijdstraf was opgelegd direct aan het restant van de wedstrijd mag deelnemen.
  15. Zowel de thuisspelende als de bezoekende vereniging is verplicht zorg te dragen voor beschermende kleding ten behoeve van de spelers aan wie straftijd wordt opgelegd.
  16. De speler aan wie straftijd is opgelegd, behoeft niet op een bank plaats te nemen, doch dient zich binnen de omrastering van het speelveld op te houden binnen een door de scheidsrechter aan te geven gebied.
Terug naar boven